Interview met Ton van Son

Geplaatst op 20-04-2026  -  Categorie: Algemeen  -  Auteur: Jeannet

Ton van Son. De oudste zeiler van onze club is geïnterviewd.
Binnenkort kun je het lezen in de Limburger.
Het was een heel erg leuk interview met een erg leuke journalist die nog tijd genoeg had en meeging varen met Ton en Jan. 
Maar we weten nu veel meer van Ton dan eerst. Want wat kan hij mooi vertellen.
dsc-3108

Zie voor meer foto's:
https://www.thornerzeilclub.nl/fotoboek1

 De tekst van het interview:

Ton van Zon zit met een paar clubgenoten aan een kop koffie. Met zijn 95 jaar is hij het oudste lid van de Thorner Zeilclub, al zou je dat niet zeggen. Hij is actief, vitaal en babbelt nog graag. Twee jaar na de oprichting in 1969 sloot Ton zich aan bij de zeilclub. „In 1971, dus ik ben al 53 jaar lid”, vertelt hij trots. Na een snelle hertelling blijkt dat dit jaar al 55 jaar te zijn. „Zo!”, roept Ton. „Daar sta ik zelf ook van te kijken.” Het is 1953 als de 22-jarige Ton van geboorteplaats Heerlen naar Leeuwarden verhuist om te gaan werken op de militaire vliegbasis. „Als er niet gevlogen werd, gingen we zeilen.” Zijn oudere collega’s leerden hem de fijne kneepjes op de Friese meren. „Toen ik het eenmaal te pakken had, ben ik er verslaafd aan geraakt.” Hij kocht al gauw zijn eerste zeilboot, een kleine houten oude BM en zeilde vervolgens door heel Nederland. Nu het vaarseizoen weer is begonnen, kan Ton niet wachten tot hij weer kan gaan varen. Als het weer meezit, is hij twee of drie keer per week op het water te  vinden. Zijn bootje, een 2.4m², ligt nog niet in het water; hij hoopt dat hij volgende week zijn eerste tocht van het jaar kan maken.

Uitdaging

„De boot is klein, maar wel geavanceerd. Ik doe ook nog al het onderhoud zelf. Een uitdaging, maar wel leuk.” Hoewel Ton trots is op zijn bootje, heeft hij het geen naam gegeven, zoals gebruikelijk. „Voor de verzekering moet je een naam opgeven. Toen heb ik maar Ton opgeschreven. Dus eigenlijk heet hij ook Ton.” Nog steeds gaat Ton het liefst helemaal alleen het water op. „Het is juist uitdagend om alleen zo’n boot te besturen. En ik ben ook een klein beetje eigenwijs. Daarom heb ik waarschijnlijk nooit behoefte gehad aan bemanning aan boord.” „Zeilen is een levensstijl voor mij geworden”, vertelt Ton. „Op het water ontspan ik echt. Als ik eenmaal op het water ben, waaien alle zorgen zo van je af. Na een paar uurtjes heb ik het wel gezien. Dan ga ik lekker naar het clubhuis, eventjes kletsen met de mensen. En dan naar huis.” „De techniek van zeilen is nog steeds hetzelfde als 55 jaar terug”, verklapt Ton. „Alleen zijn de boten moderner geworden. Vroeger was het gezelliger op het water. Nu zijn er meer grote motorboten en jachten. Die zijn agressief en proberen je weg te toeteren. Ik blijf dan gewoon zitten. Ik heb één keer mijn vinger opgestoken. Dat heb ik geweten. Een grote boot voer op volle vaart langs. Mijn hele boot lag vol met water.”

Gezellig

De gezelligheid van de zeilclub is volgens Ton nooit verdwenen. Hij gaat met de club mee op zeilweekend en doet mee aan de maandelijkse wedstrijden. Hoogtepunt zijn de middagen met Sailability, een stichting die zeiltochten organiseert voor mensen met een beperking. Ton helpt daar bij de organisatie. „Ja, dat is geweldig! Als je die mensen ziet terugkomen van het water, zijn ze zo ontspannen. Dat doe ik met groot genoegen.” In mei wordt Ton 96 jaar, maar dat is geen reden om gas terug te nemen. „Ik doe nog alles zelf: koken, wassen,  boodschappen en autorijden. Volgend jaar moet ik mijn rijbewijs wel verlengen, dat is afwachten”, lacht hij. „Als ik geen auto meer kan rijden, moet ik toch hier zien te komen.” De vraag wat zijn geheim is om zo fit en vitaal te blijven, wuift Ton weg. „Ik vind er niks abnormaals aan. Maar ik mag zeker niet klagen. Ik ben altijd veel in beweging geweest. Ik loop geregeld en doe oefeningen. Dat is erg belangrijk, naast goed eten en slapen natuurlijk.”

Dagje ouder

Toch merkt zelfs Ton dat hij een dagje ouder wordt. „Vroeger liep ik rondjes van een uur, nu houd ik het drie kwartier vol. En ik hoor ook minder goed.” Allemaal geen reden om het rustiger aan te doen. „Met harde wind ga ik het water niet op. Maar als je plezier wilt beleven, dan moet je niet te voorzichtig zijn”, grijnst hij. En dus blijft Ton varen tot het niet meer gaat. Hij sluit zijn ogen en doet alsof hij zijn zeil aantrekt. „Zelfs als ik in mijn graf lig, ben ik nog aan het zeilen.”